Pompeii

“Melancholy should be an innocent interlude, a tender and fugitive frame of mind; praise should be the permanent pulsation of the soul. Pessimism is at best an emotional half-holiday; joy is the uproarious labour by which all things live.”
– G.K. Chesterton, Orthodoxy

Tijdens de ondergang van de zon begon ook de wereld te vallen. De smog verstikte het leven en al snel volgde broeder Dood in die donkere mist. Tussen de vallende gebouwen beefde Moeder Aarde van angst voor onbewoonbaarheid. De verslagenheid viel mij aan.

Ik probeerde terug te vechten, te begraven en weer op te staan, maar het geluid van brekend glas vlakbij leerde mij vooral de noodzaak weg te gaan. Later kon er wel gekeken worden naar wat er te redden viel. Nu moest er vooral gevlucht worden. Broeder Dood hoefde mij nog niet mee te nemen in die donkere nacht. De chaos was volkomen, de onmacht volmaakt.

Een paar dagen later kwam ik terug naar die ravage van gebroken liefdes en overleden kinderen. Ik was er te gast. De dampen stegen op van de ruïnes, maar in het vroege morgenlicht had de angst zijn kracht verloren. In het huis waar ik te gast was, zag ik de roos die ik vergeten was. Door het grijs van de stof heen was er onmiskenbaar nog iets aan kleur over. Ik pakte hem op en besloot hem mee te nemen als herinnering.

Advertisements

2 Comments

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s